Veenbranden: Het land opgebouwd

Heerenveen

In verschillende functies heb ik me met de levensloop van mensen en met, zoals dat heet, loopbanen bezig gehouden.

Steevast komt dan de vraag aan de orde waarom iemand van baan wisselde of nu iets anders zoekt. En steevast hoor je dan dat mensen er op vooruit willen gaan. Beter verdienen, gunstiger vooruitzichten, meer verantwoordelijkheid, dichter bij huis werken of op een aantrekkelijker plaats gaan wonen. In Heerenveen woon je natuurlijk mooi. Je werk kwijt raken of een opleiding afgerond hebben… Dat zijn zo wel wat bekende motieven. Het is nu ruim 60 jaar geleden dat de AOW werd ingevoerd. De eerste tientallen jaren was 65 jaar de vanzelfsprekende pensioengerechtigde leeftijd. Dat die leeftijd wordt opgetrokken zit veel mensen niet lekker. Heb je jaren gewerkt dan zou je versleten zijn. Die discussie hebben we gehad en blijven we ook nog wel een poos houden. En weer komen er allerlei geheide argumenten voorbij. Alsof er na 1955, toen de AOW werd ingevoerd, niet veel aan onze levensomstandigheden is verbeterd. We zijn, gezien naar de maatstaf van 1955, veel vitaler en zouden het langer vol moeten kunnen houden. Lang niet iedereen is een bouwvakker met een versleten rug. Bovendien kun je op een verstandige manier omgaan met het ouder worden en je werk geleidelijk wat aanpassen bij je leeftijd. Een veel gehoord argument is nu dat de generatie “die het land heeft helpen opbouwen” nu vooral getroffen is door de stijgende pensioenleeftijd. Ik heb veel sollicitatiemotieven gehoord en gelezen, maar ben dìt “opbouwmotief” nog nooit tegengekomen. Wat ik wel zie, is dat er veel te weinig gebeurt om oudere werknemers aan de slag te houden of te helpen. Padapikirsaya

Auteur

Harry de Jong