De Uitdaging: ‘Kies niet alleen voor populair’

Heerenveen

In de rubriek De Uitdaging staat ditmaal Gerard Wolters centraal. Hij is directeur van het Posthuis Theater in Heerenveen.

Als oud-recensent heeft Gerard Wolters (63) een heel eigen kijk ontwikkeld op producties. In de dertig jaar dat hij voor onder andere het Friesch Dagblad films recenseerde, leerde hij om vanuit het perspectief van de doelgroep te kijken. “Een karatefilm is bijvoorbeeld niet echt mijn favoriete genre. De kunst is dan om te bedenken voor wie de film bedoeld is en hem op basis daarvan te beoordelen.” Die manier van kijken nam Wolters mee naar het theater, toen hij tien jaar geleden directeur werd van het Posthuis Theater. “Zelf houd ik erg van opera, maar een goed toneelstuk of leuke cabaret-act kan ik ook erg waarderen. Maar met de programmering van de schouwburg is het zaak om alle doelgroepen iets te bieden, dus van jazzmuziek tot een dansproductie en van variété tot jeugdtoneel.” Jeugdtheater Wolters noemt het niveau van het jeugdtoneel in Nederland “enorm hoog”. “Het is alleen jammer dat de ouders de keuze maken voor de kinderen en vaak kiezen voor de meer populaire producties, zoals Nijntje en Buurman en Buurman. Niets ten nadele van dit soort grote, mooi uitgewerkte producties, maar Nederland heeft veel meer te bieden. Juist de kleinere jeugdtheaters weten zó tot de verbeelding van een kind te spreken.” Hij noemt als voorbeeld jeugdtheater Het Houten Huis uit Groningen, die vrijdag 29 januari de nieuwe voorstelling Hotel Perdu in het Posthuis Theater presenteert. “Van wat ik tot nu toe dit gezelschap heb gezien, verheug ik me hier nu al op. Waar volwassenen bij dit soort stukken soms denken: ‘Waar gáát dit over?’, ontdekken de kinderen geheel nieuwe werelden. En dat is wat deze toneelgroep bijzonder maakt: zij weten zich als geen ander een beroep te doen op de creativiteit en het inlevingsvermogen van een kind.” Geen doorgeefluik Het programma van het Posthuis Theater bestaat uit bekende producties, de publiekstrekkers, maar wordt afgewisseld met minder bekende en kleinschalige voorstellingen. “Wij willen niet simpelweg een doorgeefluik zijn van goedlopende voorstellingen. Bovendien creëer je op den duur een publiek dat jouw vertrouwt in je keuzes. Een publiek dat ook buiten het populaire aanbod durft te kijken. Dat is de kracht van dit theater: we blijven altijd eigenzinnig.” Wolters vindt het bijzonder om te zien welke producties wel of niet succesvol worden. “Dat iets een hit wordt, zegt niet altijd iets over de kwaliteit”, stelt hij kritisch. “Neem bijvoorbeeld kaskraker Soldaat van Oranje, een show die meer dan een miljoen mensen heeft getrokken. Hierbij gaat het niet zozeer om het verhaal, maar meer om de techniek eromheen, de locatie, de attributen. Dat maakt zo’n voorstelling indrukwekkend.” Uitdagingen Eerlijk is eerlijk, de theaterbezoeken lopen landelijk gezien af. Het Posthuis Theater doet het naar Wolters’ idee goed. “Maar we kunnen beter. We hebben net een reorganisatie achter de rug om een financieel gat te kunnen dichten. Ook willen we de schouwburg meer presenteren als ruimte die bedrijven en zelfstandigen kunnen huren. De grote zaal biedt een fantastische ambiance voor bijvoorbeeld lezingen. Je kunt natuurlijk ook een lezing in een klaslokaal geven, maar de extra techniek, lichten en de setting, geeft zo’n lezing veel meer impact.” Naast de uitdaging om het theater een multifunctioneler imago te geven, wil Wolters meer inhaken op maatschappelijke thema’s, zoals opvoeden en onderwijs. Ook ligt er een plan klaar om literatuur aan films te verbinden. “Hoe mooi zou het zijn om oude films weer te doen herleven? Natuurlijk kun je de klassiekers thuis op je televisie kijken, maar dat is niet zoals het bedoeld is. Zelf ben ik groot fan van de Franse regisseur Jacques Tati. Onlangs heb ik zijn films weer op het grote doek mogen zien, prachtig.” Op locatie Deze zomer trekt het Posthuis Theater naar de binnenstad met een locatievoorstelling. “Wat we zien is dat locatievoorstellingen veel bezoekers trekken die normaalgesproken nooit een schouwburg van binnen zien. Door in het centrum een voorstelling op te zetten, laten we zien waar wij goed in zijn, namelijk de podiumkunsten. En maak je theater nog toegankelijker.” Dit jaar dus in het centrum, maar Wolters zou heel graag in 2017 iets willen neerzetten in Thialf, wanneer de ijshal wordt opgeleverd. “Daar zijn we nog druk over aan het brainstormen.” Het is volgens Wolters zaak dat de culturele instellingen gezamenlijk Heerenveen als culturele stad op de kaart zetten. “Dat doen we met zes culturele instanties binnen Heerenveen - ’n Gouden Plak. Heerenveen wordt nationaal gezien als sportstad, maar het is minstens zo veel een cultuurstad!” Met die gedachte haken de partijen graag aan bij het project ‘Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018’. Wolters is gevraagd om vanuit de gemeente de rol van coördinator op zich te nemen.  Over twee jaar nadert de theaterdirecteur de pensioengerechtigde leeftijd, maar hij blijft met alle plezier de culturele kar trekken in 2018. “Dat heb ik bij dezen toegezegd”, lacht hij. Tekst en foto: Clara Bloemhof

Auteur

Harry de Jong