4 mei overdenking van Feandichter Edwin de Groot

HEERENVEEN

Feandichter Edwin de Groot schreef een gedicht in het Nederlands en Fries over het thema 4 mei en de dodenherdenking. Hij leidt dit in met een overdenking: 

,,Op 4 mei herdenken wij. Was dat eerst enkel voor de slachtoffers van WOII; gelukkig (of jammer omdat het nodig is) is de 4 meiherdenking door de jaren heen breder getrokken en worden nu alle slachtoffersvan conflicten herdacht. Op grotere schaal, zoals op de Dam en op de Waalsdorpervlakte en kleinere zoals bij ons in Heerenveen en de omliggende dorpen. Maar je bent er niet met zo’n dag, zo’n moment. Veel slachtoffers staan op voet van oorlog met hun verleden, lijden elke dag in stilte, zijn geblokkeerd, kunnen er niet over praten, soms door het immense verdriet, soms door schaamte of wie zal het zeggen. Terwijl wij machteloos zijn of het niet eens weten. Het is belangrijk dat 4 mei blijft bestaan, dat we ook in Heerenveen, in stilte laten zien dat we aan ze denken. Maar nog belangrijker is het dat de mensen die lijden moeten weten dat het openen van een raam bevrijdend kan werken. Dat het voor hun omgeving een uitnodiging kan zijn om naar binnen te klimmen.Want achteraf zeggen: Och, hadden we maar…..''   Onder het oppervlak ‘45   het heeft niet geschreeuwd noch is het tekeergegaan of uitgevaren het zat er enkel en wij wisten ervan deden er evenzeer het zwijgen toe   ogenschijnlijk viel het hem niet zwaar onbewogen zat hij als een geduldig visserman vastbesloten en deugdelijk uitgelood   pas toen zijn stoel leeg viel bleek het evenwel steels gelekt te hebben – 80% van de hersenen is water – geruisloos langs de stoelpoten   onder de zitting  – daar hebben we ook nooit gekeken – tersluiks een poeltje gevormd  stil water   we hebben er wuivend riet en zangers bij bedacht adembenemend mooie bloedrode libellen ontelbare schaatsenrijdertjes en op wonderlijke wijze drijvende schrijvertjes     Under it oerflak‘45   it hat út noch yn net  raast noch bile spoeke tjirge it siet der inkeld mar en wy wisten derfan dienen der evensagoed it swijen ta   skynber lei it him net swier op it hert breanochteren siet er as in geduldich fiskerman fêst fan wil en deugdlik útleade   pas op it stuit dat syn stoel leech foel die it bliken dat der dochs wat lekkaazje west hat – 80% fan it brein is wetter – suntsjes by de stoelpoaten del   ûnder de sitting – dêr ha´ wy ek nea sjoen – stikem yn puoltsje foarme stil wetter   wy ha´ der weevjend reid en sjongers by betocht spektakulêr moaie bloedreade glêzewaskers ûntelbere reedriderkes en op wûnderlike wize driuwende skriuwerkes Edwin de Groot

Auteur

Harry de Jong