Pokémons nemen Heerenveen over

HEERENVEEN

Overal in Heerenveen zie je staan. Groepjes mensen, jongeren vaak, met hun mobiel in hun hand. Ze staan daar niet zomaar, ze zijn Pokémons aan het vangen. De nieuwe app Pokémon GO is een waanzinnige rage.

Officieel komt het spel pas over drie weken uit in Nederland, maar via buitenlandse servers hebben grote groepen mensen de app al op hun telefoon. Dennis Lolkema (17) is een van die fanatieke spelers. Sinds hij het spel heeft is hij met vrienden op pad om Pokémons te vangen. 11 juli richtte hij de Facebookgroep ‘Pokémon GO Heerenveen’ op, twee dagen later zijn er al 150 mensen lid. Daarnaast is er een Whatsappgroep waarin de laatste nieuwtjes gedeeld worden en afspraken gemaakt worden om Pokémons te vangen. Pokémons vangen Vroeger was er de tekenserie Pokémon, later kwamen er spellen voor Nintendo DS en werden er Pokémonkaarten geruild. Nu is er de interactieve app Pokémon GO waarvoor je naar fysieke plaatsen in de stad moet om het spel te spelen. ‘Met de app kun je Pokémons vangen, trainen en in hogere levels brengen,’ legt Dennis uit. ‘Op de kaart zie je waar de Pokémons zitten en als je op de goede plek bent, zie je de getekende figuurtjes op je scherm zitten. Door te swipen, gooi je er een bal heen en kun je hem vangen. Vanaf level vijf zit je in een team. Ik zit met mijn vrienden bijvoorbeeld in team geel, anderen zitten in team blauw of team rood. Zodra je in een team zit kun je gyms veroveren.’ Gyms zijn plaatsen in de omgeving die door het spel zijn aangegeven. ‘In Heerenveen zijn er zo’n dertig, het station is er bijvoorbeeld één,’ zegt Dennis, ‘en het Abe Lenstra Stadion en het ziekenhuis.’ Hij laat zijn telefoon zien, ‘kijk, dit is het museum Willem van Haren, die is geel, dat betekent dat hij van mij is.’ Hoe meer Pokémons, hoe meer gyms je kunt veroveren en hoe hogere levels je komt. Om Pokémons te vinden is Dennis de hele dag op straat. ‘Eigenlijk ben ik er elke dag mee bezig, meestal vanaf een uur of tien tot een uur of vijf, en dan ’s avonds weer. ’s Nachts is het leukst, dan zijn er minder mensen wakker en kun je makkelijker gyms veroveren.’ Met zijn vrienden loopt hij ’s nachts door het centrum. Hij laat een foto zien, ‘kijk, dit was om één uur.’ Op de donkere foto staan zo’n twintig jongeren op het plein voor ’t Gerecht. Ze zitten overal Pokémons kunnen overal zitten, Dennis loopt en fietst soms wel twintig kilometer per dag. Vaak met vrienden, maar hij leert ook nieuwe mensen kennen. ‘Laatst kwam er iemand naar me toe die zei: “hé, jij bent toch Dennis? Vette gym bij het station!”’ Dennis lacht, ‘hij kende mij van Facebook’. Soms voegen zich onbekende mensen van hetzelfde team bij de groep en gaan ze samen op pad. ‘Ik kwam iemand tegen die ook team geel bleek te zijn. Hij had een rijbewijs dus toen zijn we de volgende dag naar Sneek gegaan om Pokémons te vangen.’ Dat is nodig, want op andere plekken zitten andere soorten Pokémons. ‘Gisteren gingen twee vrienden van mij naar Leeuwarden en vandaag zouden we naar Groningen gaan. En deze vakantie ga ik naar Duitsland, daar hebben ze weer hele andere.’ Hij glundert als een bioloog die nieuwe diersoorten gaat ontdekken. Er zijn waterpokémons in het water en bospokémons in het bos. Op zijn mobiel laat hij zijn nieuwste aanwinsten zien. ‘O, ik zie nu ook dat de gym bij het museum overgenomen is door team rood.’ We nemen afscheid en hij loopt terug naar de groter wordende groep op het plein. Er is werk aan de winkel.

Auteur

Lotte Wijbrands