De Uitdaging: 'De veerkracht in anderen aanspreken'

Heerenveen

In de rubriek De Uitdaging portretten van mensen met een bijzonder verhaal en de uitdaging in hun leven. Deze keer Nico Smits, een betrokken Heerenvener, die sinds zijn dertigste nagenoeg blind is.

Nico Smits (59) werd geboren in het Friese Heeg. Na zijn middelbare school vertrok hij naar Kampen om daar hbo maatschappelijk werk te studeren, een studie waar je, zo zegt hij zelf, ‘kundig wordt om mensen te helpen’. Op zijn twintigste kwam hij erachter dat hij retinitis pigmentosa (RP) had, een ziekte waarbij de lichtcellen in de ogen achteruit gaan. ‘Na tien jaar was ik nagenoeg blind.’ Vleesgeworden motivatie ‘Dat was heftig. Het was een strijd in mijzelf.’ Het was in die tijd dat Smits leerde hoe belangrijk het is om mensen te helpen. ‘Mensen zeggen in zulke situaties vaak “hij moet het zelf doen” en dat is ook zo. Maar ik zou er graag iets aan toevoegen: “Hij moet het zelf doen en ik sta naast hem.” Dat heb ik geleerd in mijn opleiding, maar in de praktijk ontbreekt dat nog wel eens.’ Smits schreef zijn scriptie over het revalidatieproces dat hij zelf meemaakte. ‘De scriptie heette “van arbeidsongeschikt naar levensgeschikt”. In een revalidatie gaat het niet om wat je allemaal niet meer kunt, maar wat je wél kunt. Dat moet aangemoedigd worden.’ Nu zijn zicht wegviel, leerde Smits zijn andere zintuigen verder te ontwikkelen. Zijn tast, zijn gehoor en zijn reuk zijn er allemaal op vooruit gegaan. Hij grinnikt: ‘Je bent op de fiets toch? Je kwam net aan en ik hoorde een hond blaffen. Dan weet ik, oh, ze komt eraan.’ Daarnaast leerde hij braille. ‘Dat is niet gemakkelijk, maar binnen een half jaar heb je het wel onder de vingers.’ Op zijn opleiding noemde ze hem de vleesgeworden motivatie. Zorgcentrum en participatieraad Na zijn studie heeft hij een tijdje betaald werd gehad als arbeidsconsulent, zette hij zich in voor de gehandicaptenraad en zat hij in de ondernemersraad van Stichting Focus. Toen hij terug naar Friesland keerde, werkte hij zes jaar als medewerker in een callcenter, van onder andere KPN. ‘Dat was heel frustrerend werk. Ik stond mensen te woord die problemen hadden, maar ik kon eigenlijk niks doen. Een keer had ik een man aan de telefoon die last had van een storing. Ik zei: “Binnen vijf dagen is het opgelost.” Een week later belde hij weer. “Ben jij Nico Smits? Jij zei toch dat het opgelost zou zijn?”’ Smits lacht. ‘Het was absoluut niet probleemoplossend.’ Na zes jaar was het genoeg en ging hij zich inzetten voor organisaties waar hij wel invloed kon uitoefenen. Hij zat zeven jaar in het bestuur van de wijkvereniging, en vier jaar in dat van GrienLinks Fryslân. Nu zet hij zich in voor onder andere de participatieraad van de Gemeente Heerenveen. ‘De slogan daarvan is: “Meedenken is meedoen”. De gemeente zegt “iedereen doet mee,” maar dan vraag ik, “waar blijkt dat uit?” Als participatieraad brengen we advies uit aan het college.’ Daarnaast is hij actief in Zorgbelang. ‘In de zorg zegt men, “de cliënt staat centraal,” maar waar blijkt dat uit? Toen ik in 2009 na een gebroken been in een zorgcentrum lag, kwam de verpleegster binnen en begon zonder iets te zeggen in mijn zorgmap te kijken. Ik riep: “Hallo! De cliënt zit hier hoor!” Ze schrok ervan.’ Hij geeft nog een ander voorbeeld. ‘Bij het intakegesprek werkten ze een lijstje af. Ze vroegen: “Heeft u hulp nodig bij het opstaan? Heeft u hulp nodig bij het eten?” Aan het eind stonden alle vinkjes op nee. Het enige waarbij ik hulp nodig had, was om naar beneden gebracht te worden, want ik zat in een rolstoel. Maar dat vroegen ze niet. Ze vroegen helemaal niet waar ík behoefte aan had. Deze ervaringen heb ik na afloop aangekaart bij Zorgbelang.’ Samenredzaamheid ‘Vraag wat je voor mensen kunt doen en doe het samen,’ dat is elke keer weer de boodschap die Nico Smits heeft. Het gebeurt veel te vaak dat mensen gewoon invullen wat iemand nodig heeft. In de zorg, maar ook in zijn privéleven. ‘Ik fiets bijvoorbeeld heel graag, op een tandem. Een keer zei iemand: “O, dan zit er zeker een wagentje achter waar jij inzit.” Toen zei ik: “Heb je wel eens een Ferrari gezien? En waar zit dan de motor? Precies, achterin!” De een levert kracht, de ander stuurt, je doet het samen.’ Hij vindt het belangrijk dat mensen elkaar in hun veerkracht aanspreken. Het is zijn uitdaging om dat zelf in de praktijk te brengen én anderen te laten beseffen hoe belangrijk dat is. ‘Er komen steeds minder deskundigen en steeds meer mensen die elkaar op lokaal niveau helpen, dat is een goede ontwikkeling. De overheid zegt vaak dat het gaat om “zelfredzaamheid,” dat vind ik niet de goede term. Het gaat om “samenredzaamheid”. Je moet er voor de ander zijn.’ Lotte Wijbrands

Auteur

Lotte Wijbrands