Veenbranden: Onvervuld verlangen

Heerenveen

Naarmate we het beter krijgen, ontstaat er meer onvrede. Kort voor de oorlog was er in ons land geen woningnood. Zo’n 25 jaar na de oorlog was er weer veel ge- en herbouwd en hadden we, gemiddeld genomen, meer vierkante meters woonruimte per persoon dan ooit tevoren. Toen was er wèl woningnood. Te weinig leefruimte.

Mensen kwamen steeds verder van hun werk te wonen, ze kozen er voor, en liepen daardoor vaker vast in dagelijkse files. Met twee werkende partners is het ook knap lastig. Vertel mij wat. Mijn ouders (jaargang 1912/’13) werkten al beiden buiten de deur. Ik hoorde ze nooit klagen dat één van hen daardoor moest pendelen en vaak het land in moest. Nu hebben we het gemak dat, “dankzij” internet alles binnen handbereik is. Voor wat de winkels in Heerenveen niet hadden, moest je tot voor kort naar Leeuwarden of Groningen. Nu bestel je dat gewoon via je smartfoon of je computer. Het wordt je de volgende dag thuis gebracht. Op onze wenken bediend. Alleen: die winkels verdwijnen. Nog niet lang geleden was een buitenlandse vakantie een luxe, nu boek je, digitaal, even een intercontinentale reis alsof het niets is. Lange wachttijden, strenge controles en de vraag hoe je ’s morgens vroeg op Schiphol of een andere opstapplaats kunt komen zijn aanleiding voor heftig ongenoegen. “I want it all, I want it now”, zong Freddie Mercury goed 25 jaar geleden. En als “het” er niet allemaal en ook nog nu meteen is, zijn de rapen gaar. We willen bijtijds met pensioen. Daarna lijkt het leven pas echt te kunnen beginnen. Daar leven we naar toe. Ruim veertig jaar geleden werd al aangegeven dat de kosten van de (bij ons geweldig goed ontwikkelde) gezondheidszorg onbeheersbaar dreigden te worden. Een probleem. Voor de politiek en dus voor kiezers. Het gaat de meeste mensen goed en de onvrede groeit in ons land, waar “Het dorp” van Sonneveld model staat voor waar geluk. Van vroeger kunnen we zwijmelen, maar er 15 maart niet voor kiezen. Nou dat weer. Padapikirsaya

Auteur

Harry de Jong