De Platte Man in het gedrang of : Cultuur gaat boven economie

Heerenveen

Margreet Mulder, fractievoorzitter D66 Fryslan, schreef onderstaande reactie op de kritiek van Hylke Speerstra over de plaats van het beeld van Fedde Schurer in het centrum van Heerenveen:  

Vanuit de slachtofferrol zal hij het pleit niet winnen. Maar schrijver Hylke Speerstra heeft wel een punt. Het is doodzonde dat het beeld van Fedde Schurer - 'de Platte Man' in de volksmond - in de verdrukking staat tussen de terrasstoelen van het Gerecht. Niet eens zozeer omdat hij zelf geen druppel dronk , maar vanwege het perspectiefspel dat het beeld bijzonder maakt. Beelden staan in de ruimte. Dat is niet voor niks, want een beeld heeft drie dimensies: hoogte, breedte en diepte. Je ervaart dat als je er omheen loopt. Dat geldt helemaal voor het beeld dat Guus Hellegers van Fedde Schurer maakte. Hij speelt erin met het perspectief; je ervaring van diepte. Je ziet dat als je je langzaam op het beeld afloopt, doorloopt en opzij kijkt, en daarna achterom kijkt als je verder bent gelopen. Eerst zie je een gewoon beeld: een brildragende man in een pak met een klein buikje. Sta je naast het beeld en kijk je opzij dan is diezelfde man ineens zo plat als een dubbeltje. Loop je verder en kijk je achterom, dan heeft hij zijn rondingen weer terug. 'De Platte Man' dankt zijn bijnaam aan dit spel en heeft daarom ruimte nodig. Nu staat het in het gedrang van de stoelen op het terras van het Gerecht. En dat doet het beeld teniet. De cultuurwethouder van Heerenveen voelt niet de noodzaak hier iets aan te doen, blijkt uit het bericht dat de Leeuwarder Courant hierover plaatste. Hij vindt het goed dat Fedde Schurer tussen de mensen staat, aldus de krant. Omdat 'tussen de mensen' in dit geval het terras van een horecagelegenheid is, legitimeert de wethouder daarmee de dominantie van de commercie boven de kunst. Nu wil het toeval dat ik de Cultuurwethouder een paar dagen geleden hoorde spreken. Hij opende een tentoonstelling. Hij kwam er rond voor uit dat hij weinig over kunst wist. Zijn reactie op de verdringing van het beeld van Fedde Schurer geeft daar blijk van. Dat je uit onwetendheid een boeiend en betekenisvol beeld in de verdrukking laat komen, past niet bij deze stevige keuze voor kunst en cultuur. Bij die keuze past, dat het gemeentelijk kunstbezit in de openbare ruimte daadwerkelijk de ruimte krijgt. Over de vraag waar, boog zich ooit een kunstraad. Nu zijn we niet meer zo van dergelijke specialistische gezelschappen, maar toch. De leden van zo'n raad beschikken wel over de kennis en het inzicht dat de wethouder zegt te missen. Misschien iets om over na te denken. Waar het om gaat is, dat kunst verdrongen wordt door de expansiedrift  van de horeca. En dat de wethouder van cultuur dat laat gebeuren. Dat betekent, dat de wethouder economie bóven cultuur stelt. En dat past niet bij het gebaar om veelbelovende nieuwe spelers in de wereld van kunst en cultuur financieel te steunen. Want dat stoelt niet alleen  op liefde maar ook op het besef dat kunst en cultuur het vestigingsklimaat verrijken. Kortom: economie gaat dus niet boven cultuur, maar cultuur boven economie. Die stelling verdient dat de Platte Man meer ruimte krijgt. En doe dan alstublieft ook iets aan ' het Kontje' aan de rand van het Kuperusplein. Een kleine, krachtige bronzen weergave van een vrouwenlichaam, gemaakt door Karianne Krabbedam. Dat gaat nu volstrekt ten onder aan de luidruchtige reclame van een drankwinkelketen. Margreet Mulder, fractievoorzitter D66 Fryslan    

Auteur

Harry de Jong