Veenbranden: Ongewoon gewoon

Heerenveen

Wij vinden het gewoon: Boodschappen doen, naar een feestje, naar je werk gaan, over straat lopen en gaan slapen. Je klaagt als de brug te lang open stond of als de stoplichten tegenzitten. Je wordt boos als iemand je geen voorrang geeft of als een auto je fiets te dicht bij je passeert. Je ergert je als er lawaai is als je wil slapen.

Sinds een paar weken doe ik vrijwilligerswerk bij het ondersteunen van mensen met schulden of problemen. Helpen bij de administratie, helpen een budget op te stellen, helpen bij contacten met instanties, helpen om in een officieel schuldhulpverleningstraject te komen. Voor veel Nederlanders is de wereld erg ingewikkeld. De taal van officiële brieven is voor een grote groep Nederlanders onbegrijpelijk. Ze kunnen wel een steuntje gebruiken. Bij dat werk kom ik ook asielzoekers tegen. Eigenlijk zijn het dan al asielvinders. Ze mogen hier zijn, hebben een uitkering en lopen tegen veel problemen aan. Schulden ontstaan dan vaak door onbegrip en ongelukkige omstandigheden. Soms ook hebben ze helemaal geen schulden, maar hebben ze gewoon hulp nodig bij het begrijpen van hun administratie of het aanvragen van toeslagen. En als ze dan vertellen waarom ze zo blij zijn om in Nederland te zijn, dan besef je hoe dankbaar je moet zijn, hier te wonen. “Ik kan hier gewoon rustig slapen, en mijn kinderen kunnen naar school.” Zei een Afghaanse tegen mij, “Ik hoef niet bang te zijn voor bommen, ik zit niet altijd in angst.”. Een andere vrouw zei tegen mij: “Vrouwen zijn hier sterk en zelfstandig. Ik wil dat mijn dochtertje in de Nederlandse cultuur opgroeit en dan kan ze alles worden wat ze wil.”. Zij woonde in Irak en mocht de deur nooit uit, niet naar school en alles moest ze vragen aan de mannen in huis. Zelfs maandverband moest ze aan mannen vragen. “Ik wil zelf ook alles leren van de Nederlandse cultuur. De mensen zijn hier zo sterk en goed! Vluchtelingen mogen hier komen, krijgen eten en onderdak. Dat doen islamitische landen niet. Hoewel dat wel van Allah moet.” En als ik dan weer naar huis fiets, probeer ik dankbaar te zijn. Maar dan is de brug weer veel te lang open………. Annabel

Auteur

Harry de Jong