Recensie: dood met een kleine letter

Heerenveen

Voorstelling: ‘dood en zo’ met Annemarie Prins en Eva Duijvestein; tekst: Sophie Kassies; regie: Hendrik Aerts; Posthuis, 8 november; 90 toeschouwers

Toen Annemarie Prins de diagnose longkanker kreeg wilde ze daar als theatermaker wat mee doen. Haar gesprekken met de twee generaties jongere Eva Duijvestein mondden uit in een voorstelling waarin ze hun verwachtingen en angsten ongegeneerd prijsgeven. ‘Ben je bang?’ is de terugkerende vraag. Ja, een beetje voor de dood, nog meer voor de aanloop ernaartoe. Ze sparen elkaar niet; Eva bespat haar tegenspeler met het water – levenswater? - dat de speelvloer bedekt, en ze vraagt zich af waarom ze zich het theater in heeft laten slepen in plaats van lekker bij haar baby thuis te blijven. En vanuit de zaal, letterlijk op afstand, geeft ze kritisch commentaar als Annemarie haar sterfbed alvast uitprobeert. Het is rauw en liefdevol tegelijk. Allebei willen ze profiteren van de ander, nu het nog kan; oud zuigt jong leeg en jong overleeft oud. Als Eva rond de waterbak marcheert probeert de vierentachtigjarige haar sloffend op laarzen bij te houden. Ze geeft zich niet zomaar gewonnen, zoals ook de op muziek gezette versregels van Dylan Thomas - ‘Rage, rage against the dying of the light’ – benadrukken. De dood verdient geen hoofdletter, vinden de maaksters. Deze voorstelling wat mij betreft wel. Jaap Blaakmeer

Auteur

Harry de Jong