Recensie: Bewegend licht van Jan Snijder en Koos van der Sloot

Heerenveen

Tentoonstelling “Saturnalia”, schilderijen van Jan Snijder en objecten van Koos van der Sloot. Bij melklokaal, voor hedendaagse kunst, Heremaweg 20-1 in Heerenveen. Tot 24 december.

Jan Snijder lijkt zijn fysieke ruimte kwijt geraakt te zijn. Weidsheid van wadden en vlakten van greiden. De hoge luchten en het diepe, schier oneindige blikveld. Het is weg. Zijn hoogte, breedte en diepte bevinden zich nu tussen stammen van bomen, kreupelhout en struikgewas. Met de neus tussen de bladeren, de blik glijdt langs grashalmen en door dauwdruppels, daar kan Snijder nu zijn inspiratie vinden voor museale werken. Want hoe diep door de knieën ook of staand op de toppen van de tenen, op macro afstand dan wel juist sterk uitgezoomd, het werk blijft en is monumentaal. Het bos jaagt hem op. Met verticale halen kwast hij in groot gebaar de een na de andere compositie in ei-tempera op linnen of hout. Snijder gaat er helemaal in los, ziet door de bomen duidelijk het bos waar zijn emotie de vrije loop heeft. Met een gedacht kapmes slaat hij misleidende elementen los van de schepping en mijmert zich aldus vergezichten. De snelle opzetten beklijven, zetten zich vast in het geheugen van de kijker. Het moment is een monument voor de aandacht. In de donkere vormgeving, het schijnsel in september verlicht nog nauwelijks, lichten duistere kleuren gedempt helder op. Achter iedere stam vermoedt de late wandelaar een leven. Schaduwen werpen mysterieuze vlekken in de ruimte. Het spookt er. Witte schimmen duiken op. Een enkele keer lijkt het onvoorspelbare wad, de oude liefde, zich in het werk te spiegelen wanneer tonen opwaarts stromen als in een omgekeerde waterval. Vooral wanneer nauwelijks het bos als bomengroep nog herkenbaar is, is de schilder op zijn best in de non-figuratie. In het abstracte bos zijn geen stammen zichtbaar, maar een veelheid aan vlekken en vegen doet in gelaagdheid het welhaast ondoordringbare woud vermoeden. De gedachte vormt uit het zichtbare dat houvast, deze herkenbaarheid. Een wild spel van technieken met kleurstrepen en -sporen, horizontale verflopers en schilderachtige onderdelen in voortdurend een gematigd palet.  De ruige drift zit niet in het kleurenspel maar veeleer in de behandeling van het materiaal. En de niet te lessen dorst om in die enkele maand september zo exact mogelijk dat licht van dit jaargetijde te vatten. Het strijkt tussen de bomen, schuurt langs stammen en werpt lange schaduwen. In het werk van Jan Snijder is het verstilt, het licht ligt voor dat enkele moment vast in een tastbare ruimte. De objecten van Koos van der Sloot hebben geen strijklicht nodig, maar juist een felle spot om het effect dat hij beoogt te halen. In het diffuse licht van het melklokaal worden de gaten in de schaduw maar nauwelijks zichtbaar. De rekken zijn op zich te beschouwen, maar de in het licht te verschijnen eier-schaduwen vormen zich amper. Dan wanneer je een aansteker ontsteekt of een zaklamp aanklikt, het licht scherp langs de vormen beweegt, komt het raadselachtige effect tot leven. Geïnspireerd op het eierrekje in de kelder van zijn jeugd maakt Van der Sloot van triplex en MDF, in een enkel experiment van aluminium of acrylaat, virtual eggs. De denkbeeldige eieren zijn er niet, maar worden gevormd bij het invallende licht door ronde uitsparingen waarvan de omtrekken schaduwen werpen. Een bijzonder spel, dat tipt aan het niets maar veel meer is dan dat. Van der Sloot gebruikt dat niets dat schaduw is door een iets dat licht vangt. Een abstract object dat realistische figuren vormt. Het komt tot leven in het licht, anders is het niets, zero, nul. Jurjen K. van der Hoek Zie ook weblog KUNST-stukjes: jurjenkvanderhoek.tumblr.com

Auteur

Harry de Jong