Recensie: Persoonlijk werk in Kunstlokaal No.8

Heerenveen

Conditie en tegenbod, werk van Tanja Isbarn en Julia Gubitz bij Kunstlokaal No.8, Schoterlandseweg 55 in Jubbega. Tot en met 18 februari.

Het ruime zicht, dat zo opvallend groots is in de beperkte breedte, hoogte en diepte van het kunstlokaal wordt ditmaal danig begrensd. Het ruimtelijk inzicht van de inrichter van wanden en vloer in de oude school aan de Schoterlandseweg moest bijgesteld door de grote tekeningen van Tanja Isbarn die werden ingebracht. De neerhangende vellen papier belemmeren nu doelbewust een eerste blik op het geheel. Als grote decorstukken hangen ze boven een aangetast podium. Het theaterstuk is geweest en heeft sporen achter gelaten in de gelaagde ondergrond. Er kan gebladerd worden door de larger ones van 152 bij 226 centimeter, maar dan wel onder toezicht. Met gemengde grafische middelen zet de kunstenaar de kijker op een verkeerd been. Maar is de balans hervonden dan kan men zich verliezen in het werk. Hoewel de composities op het eerste gezicht een dimensie verbergen. De tweede blik merkt dan gespannen draden op om gaten te dichten en ziet dat donsveertjes korte houtskoolhalen zijn. Bij nadere beschouwing dragen de tekeningen meer in zich dan gedacht. Organisch door de cirkelbewegingen, natuurlijk in aangebrachte beschadiging. Een reis in de tijd door de ruimte. Op andere vellen langs de wand zijn natuurlijke elementen nagemaakt. En uiteraard is de kunst altijd een vervalsing van het zichtbare, maar Isbarn doet daar nog eens een laag bovenop. In wirwar aan lijnen ontstaan nieuwe figuraties, deze worden opnieuw omlijnd of met kleur ingevuld. Zo maakt de gedachte verrassende afbeeldingen, zoals in de belijning van hout en de verkleuring van marmer beeltenissen ontstaan. Het oog ziet en de rede vult aan en in. Er vormt zich in het niets een iets, in het abstracte gegeven een voorwerp. Het heeft een gedaante, een schijn van zijn. Uit Groningse klei, want Isbarn is dan wel in Berlijn geboren maar woont in Groningen en werkt in Haren, zijn wonderbaarlijke objecten opgetrokken. Het is fake, onecht, maar lijkt op een natuurlijk gevormd schepsel. Versteend koraal. In plat vlak bouwt Julia Gubitz, eveneens van Duitsland, ruimtelijke constructies. Spontaan en ongekunsteld met ronde hoeken op grijs gebaande vlakken lijken de tekeningen op schetsen van een binnenhuisarchitect. In alle eenvoud met een grafische ondertoon een plattegrond voor een woonkamer of de opzet van een keukenblok. Maar de titels van de composities op karton reiken verder dan deze simpelheid en duiden veelal aan een beweging gemaakt als beleving. Het is en lijkt er ongezien voortdurend geweest te zijn. Alledaagse vormen merken wij allang niet meer op, de kunstenaar neemt waar en vertaalt het in een fijne abstractie. Die non-figuratie heeft de kracht van tastbaarheid, een onstoffelijke duiding. De bronzen objecten van haar hand geven eenzelfde ondervinding. Deze verdelen de ruimte in parten. Roosters die de getekende schetsen inhoud geven. Modellen in raamwerken, geraamtes van dozen, een bootgraf van een vikingschip. Opengewerkt en mededeelzaam over inhoud en betekenis. Heel anders is dat met het aangeklede keramiek. De stof verhult vormen, maar scherpt ze tevens aan. De bekleding maakt de vorm introvert. Zo is “conditie en tegenbod”, een toestand die aanzet tot een hogere bieding, een zorgvuldig vorm gegeven tentoonstelling bij Kunstlokaal No.8. De aan elkaar tegengestelde composities en objecten groeien in deze ruimte samen tot een onverdeelde ervaring. Persoonlijk, verdichtend. Maar ook publiekelijk, verhalend. Jurjen K. van der Hoek -------  

Auteur

Harry de Jong