Recensie: ,In Galerie Loof weet je niet wat je ziet'

Tentoonstelling fotografie van Max Kraanen en Marielin Simons en objecten en schilderijen van Jan Enno de Jong bij Galerie LOOF, Gorredijksterweg 73 in Jubbega. Tot en met 13 mei.

In Galerie LOOF weet je niet wat je ziet. Verkeerd been, om de tuin, voor het lapje. De valse schijn is geen klatergoud. Dat ik in eerste instantie niet zie wat ik weet – denk te kijken naar wat ik begrijp – ligt meer aan mezelf dan aan de kunst die wordt getoond.

Max Kraanen is een meester in het om de tuin leiden van de blik. De ogen nemen waar waardoor de hersenkwab aanneemt dat de foto een schildering is. Maar wat de techniek is dat doet er eigenlijk niet toe.

De gepresenteerde plaat bespeelt het gevoel meer dan het verstand. De overwegend donker ogende omgeving kleurt de beschouwing. Het naaldhoutbos tegen de bergflank kan daar echt zo bij hebben gelegen, maar evenwel ook met het paletmes en een fijn penseel zijn gekwast.

Maar het is zoals het is, zo als  het objectief het in die ene seconde heeft waargenomen. Want het werk van Kraanen betreft wel degelijk de fotografie. Hij heeft oog voor betoverende plekken en pakkende momenten. Niet achteraf gemanipuleerd.

Het mysterie zet zich daarom door in een glooiende horizon waarboven een lucht dreigend het witte licht opslokt. Het zijn plaatsen die niet bepaald maar van alle plekken kunnen zijn. Wanneer de windstreek is aangewezen is het werk minder intrigerend. Weet je meer wat je ziet. Zie je beter wat je weet. De drie kleinere werken aan de 3mLOOF zijn meer lichtvoetig van uitstraling. Je waant je er in vogelvlucht over een blauwe watervlakte of door roze wolken. Fascinerend in de zin van avontuurlijk. 


Even spannend en meeslepend zijn de fotobeelden van Marielin Simons. Ze is gegrepen en wordt geïnspireerd door de natuur. Daarmee vertelt ze haar verhaal. Maar ze loopt niet rond door het bos om hier en daar de lichtval tussen de boomstammen te bewonderen en vast te leggen.

Ze doet dat wel, maar slaat deze op in gedachten om het later thuis uit te werken. Haar schier ondoordringbare woud ontstaat als het ware in een kijkdoos, een diorama, op handzaam formaat.

Wie beter kijkt en niet vluchtig een blik werpt, ziet dat de stammen takken zijn. Gestoken in een mossig matje, waartussen plastic water stroomt en een heldere bol nevelig licht werpt.

Het lijkt me een aardigheid om deze creaties te laten ontstaan en daarna vast te leggen op de gevoelige plaat. In min of meer ware kleuren, met een strijklicht tussen de takken en twijgen voor de achtergrond van een echte omgeving, is het beeld al boeiend. Is het echter bezien door een blauw filter stijgt de fascinatie tot onheilspellende hoogte.

Een prachtig opname van het moment is geworden. Uit de borrelende bron pruttelt geheimzinnig een sage of legende. Ik laat me meeslepen door mijn fantasie. Wan dat is wat het werk van Simons doet. 


De installaties van Jan Enno de Jong zijn indrukwekkend in de vorm en het gebruikte materiaal. Voor zijn indrukken zoekt hij een uitweg. Dat kan een slordig ogend object zijn of een olijk aandoende kijkkast.

De zin van het beeld lijkt weleens onnavolgbaar. Je moet teveel kijken en onderzoeken om te weten wat de constructie wil zijn en bedoelen. De objecten hebben een hoge drempel. Kijkgenot is er enkel in “the collector”, een verlaten kamer met tafel en stoel en een wandkast vol eieren. Meer in evenwicht is naar mijn mening de acryl op linnen schilderijen.

De gepenseelde vormgeving oogt naar een mystiek landschap. Sluit daardoor naadloos aan bij de vormgeving van de andere exposanten. De objecten vallen daarbij uit de toon.


Jurjen K. van der Hoek
 


Auteur

harry.de.jong