Nigel Kennedy: muzikale wervelwind in Oranjewoud 

Oranjewoud

Hoe uniek wil je het hebben? Nigel Kennedy in Oranjewoud. Dat mag rustig een van de meest bijzondere gebeurtenissen van het culturele jaar 2018 worden genoemd.

Een punkrocker met rechtopstaand paardenhaar die ronddanst en rondspringt in opvallende schoenen en z’n viool geselt alsof z’n leven ervan afhangt. En daarmee klassieke muziek een extra dimensie geeft.

 
Na een spraakmakende tour met de zoveelste variatie op Vivaldi-klassiekers stond Kennedy  zaterdagavond op het Oranjewoudfestival voor een uitverkocht huis. Op knalgele gympen.

Ditmaal nam hij weinig zachtzinnig heilige werken van Bach en de wat speelsere composities van  George en Ira Gershwin onder handen. Begeleid door gitaristen Rolf Bussalb en Doug Boyle, cellist Peter Adams en bassist Yaron Stavi. De vijf muzikanten maakten er een dolle avond van. Tussen de bedrijven door eerde Kennedy zijn muzikale helden, waaronder Mark O’Connor. En daarmee werd het publiek ook nog getrakteerd op een snufje bluegrass. 


Voor wie Kennedy nog nooit aan het werk heeft gezien, moet zijn tomeloze energie een openbaring zijn. Vooral de werken van Gershwin zijn hem op het lijf geschreven. Het Britse wonderkind transformeerde in zijn vroegere programma’s Vivaldi’s Vier Seizoenen  tot een stoofpot van barok, jazz, folk en rock en liet daarbij elke passage klinken als een jazz standard. Het werk van de broertjes Gerswin kreeg exact dezelfde aanpak.  


Maar ook Bach moest eraan geloven in breed uitgesponnen improvisaties die door het virtuoze spel van de meester voortdurend geloofbaar bleven. Wat Jimi Hendrix en Stephane Grappelli ooit op hun  gitaar deden, doet Nigel Kennedy op zijn viool.

 Hij brak in 1989 internationaal door en is sindsdien niet meer van het podium te branden geweest. Gelukkig maar. Hij mag dan een rare snuiter zijn, maar wie deze man een keer aan het werk heeft gezien, vergeet hem niet snel weer. Nigel Kennedy is en blijft een van de uniekste muzikanten die rondstapt in het wereldje op de grens van klassiek en rock. Dat bewees hij in Oranjewoud eens te meer. 


De meester was overigens bijzonder opgetogen over de locatie: een podium boven het water van de Prinsenwijk. En de ingehuurde piano vond hij zo mooi dat hij hem wel meer wilde jatten. ,,Alleen te groot en te zwaar.’’ 

Johanna de Jong 


Auteur

harry.de.jong