Gerard Wolters: ‘Voor mijn gevoel ben ik altijd onderweg’

HEERENVEEN

Het hadden zomaar twee jaar kunnen zijn, maar het werd uiteindelijk een periode van 12,5 jaar dat Gerard Wolters directeur was van het Posthuis Theater in Heerenveen. Maandag nam hij op feestelijke wijze afscheid.

De dinsdag 66 jaar geworden Wolters nam in december de beslissing om te stoppen en te gaan genieten van zijn pensioen. Althans, op papier. Stilzitten kan hij niet. Nooit gekund ook, Terwijl ik verschrikkelijk lui kan zijn.”

Wolters kwam in 1978 samen met zijn vrouw naar Friesland. Zij woonden destijds in een bovenwoning in zijn geboorteplaats Haarlem. ,,We kregen een dochter en wilden wel ruimer wonen. De familie van de vaderskant van mijn vrouw komt van Schiermonnikoog. Mijn vrouw nam het initiatief om naar Friesland te gaan. Ik was toen 25 en mijn vrouw 20 jaar. Warga was de laatste plek waar we woonden, voordat we in 2002 naar de provincie Groningen vertrokken.”

Groot CV

Sinds zijn verhuizing puilt het CV van Wolters uit. In Friesland begon hij met het geven van badmintontraining bij de Leeuwarder Badminton Club. ,,Hun voorzitter had ik ooit gesproken op een toernooi. Hij wilde de sport in Leeuwarden van de grond krijgen. Ik heb hem vervolgens opgebeld en kon er voor twintig tot vijfentwintig uur aan de slag. Later kwam ook Franeker daarbij. Zelf badminton ik vanwege mijn schouder niet meer. Dat vind ik wel jammer. Ik vind het nog altijd een van de mooiste sporten.”

Daarnaast kon Wolters al snel bij het Friesch Dagblad aan de slag als filmrecensent. Het recenseren zou hij uiteindelijk een kleine dertig jaar doen. ,,Ype van der Schaaf was er in 1978 hoofdredacteur. Die vond het raar dat een krant als het Friesch Dagblad niet over cultuur schreef.”

‘Wilde geen ambtenaar worden’

Vanuit zijn eigen bedrijf werkte Wolters vervolgens sinds 1995 op de communicatieafdeling van de gemeente Heerenveen.

,,In 1997 raakte ik als projectleider betrokken bij de openbare ruimte die werd omgeturnd in wijkbeheer. Daarbij werden ook twee wijkmanagers aangesteld. Mijn toenmalige hoofd vroeg waarom ik niet had gesolliciteerd. Dat was omdat ik geen ambtenaar wilde worden. Dat is na twee gesprekken uiteindelijk toch gebeurd.”

Jan Buchner

Na zeven jaar wilde Wolters, die heeft gestudeerd aan de Nederlandse Film Academie, graag weer wat anders. Het was uiteindelijk Henk van Dam die als adjunct-hoofd vanuit de afdeling wijkbeheer vroeg of Wolters de opvolger wilde worden van Posthuis Theater directeur Jan Buchner.

,,Er was discussie over de hoge kosten, terwijl er weinig gebeurde. Daarnaast moest het theater verzelfstandigd worden en werd er gesproken over een nieuwe locatie. Ik heb gesolliciteerd en na de benoeming met de gemeentesecretaris afgesproken dat ik het voor twee jaar wilde proberen. Waarbij wij beiden de vrijheid hadden er een punt achter te zetten als het niet het resultaat opleverde wat we er van verwachtten. Van beide kanten is het altijd bevallen. Er is nooit geroepen dat ik moest weggaan. Ik heb dan ook altijd met veel plezier voor het Posthuis theater gewerkt.”

‘Altijd in ontwikkeling’

Dat Wolters het zo lang heeft volgehouden, verbaast hemzelf. ,,Ik zeg wel eens: ‘Ik ben altijd onderweg’. Ik zeg niet dat ik mij nergens thuis voel. Wel wil ik steeds met nieuwe dingen en nieuwe plekken in aanraking komen. De wereld is altijd in ontwikkeling. Dat probeer ik ook te zijn.”

Onderweg zijn noemt Wolters ook een prettig gevoel. Als kind al organiseerde hij tal van activiteiten. Zoals een circus op zijn twaalfde in de sportschool van zijn vader in Haarlem, een voetbalcompetitie en bijvoorbeeld wielerwedstrijden. ,,Ik kom ook echt uit een heel leuk gezin. Mijn vader zei altijd: ‘Als je iets leuk vindt, moet je dat doen’. Onderweg zijn vind ik nog altijd belangrijker dan ergens aankomen.”

Ramen en deuren open

Ook de 12,5 jaar bij het Posthuis Theater noemt Wolters een periode van onderweg zijn.

,,Wel moesten daarvoor alle ramen en deuren hier eerst opengezet worden. Het was een soort van sociëteit, een club van ons kent ons. Terwijl het Posthuis Theater er juist moet zijn voor alle Heerenveners en mensen uit de regio. Voor mijzelf en het Posthuis was het belangrijkste doel om aan te sluiten bij alles buiten het theater. Dat is gelukt. Want cultureel, financieel en maatschappelijk staat het Posthuis nu middenin de samenleving. Daar ben ik trots op.”

Ook qua programmering roemt Wolters zijn ondertussen voormalige werkgever.

,,Het is een theater dat durft. Ook in tijden van crisis. In die periode is het goed overeind gebleven. De samenleving is veranderd. De podiumkunst ook. Het Posthuis Theater is daarin meegegaan. Het is een in mijn ogen onmisbaar instituut geworden in Heerenveen en waar in tegenstelling tot voorheen nu heel veel gebeurt.”

Hoogtepunten

Terugkijkend op al die jaren noemt Wolters twee voor hem absolute hoogtepunten.

,,Als eerste ‘Kinikek’. Daarbij was er op de meest onverwachte plekken ineens theater en ging het erom dat iedereen wel iets kan. Zoals een gedicht voordragen in de supermarkt, een lezing in een bushokje of zingen op de ladder bij de brandweer. Dat zou van mij nog wel meer mogen. Daarnaast toont het Posthuis theater nu opera. Dat is een voorliefde van mij. Tot de komst van het Oranjewoud Festival waren er vier kleinschalige kameroperavoorstellingen. Daarvan wordt er nu eentje gehouden bij het Oranjewoud Festival. Dat is een samenwerking die er sinds twee jaar is met de organisatie.”

‘Zorgen om cultuur’

Wel zegt Wolters bij zijn afscheid te hopen dat cultuur geen luxeproduct wordt. Hij zegt, mede ingegeven door de politiek, dat cultuur niet moet verworden tot het getal.

,,Die zorg heb ik wel. Het gaat bij de politiek meer en meer om recettes. Terwijl cultuur juist hoort bij de eerste levensbehoefte. Wees daarom waakzaam dat je qua organisatie en financiën als theater niet verengt, maar dat je ervoor zorgt dat verhalen verteld blijven worden. Hetzij in grote of kleine groepen, hetzij een-op-een.”

Cultuur Coöperatie Welbegrepen

Wolters zelf gaat net als zijn geliefde cultuur nu weer onderweg. Met een aantal partners gaat hij vanuit de Cultuur Coöperatie Welbegrepen (vernoemd naar de eerste Nederlandse coöperatie, die in 1817 in Zeeuws-Vlaanderen werd opgericht en inmiddels is verdwenen JH) producties initiëren, begeleiden en produceren in het brede veld van de cultuur.

,,Dus niet alleen de podiumkunst. Hoewel ik weer wat anders ga doen, zal ik ongetwijfeld nog af en toe langskomen in het Posthuis theater.”

(Tekst Jitze Hooghiemstra/foto’s Max van Gelder)