Heldin Esther Haveman: ‘Ik was de eerste brune frou in Heerenveen’

HEERENVEEN

Voor het project Heldinnen van ’t Veen nomineerden Heerenveners hun persoonlijke heldin. De gekozen vrouwen komen aan bod in de Heerenveense Courant. Deze week: Esther Haveman.

Esther Haveman is genomineerd door Wil Jetten, Maaike Boonstra en Karin Dieckman. Zij noemen alledrie dat Esther belangeloos voor iedereen klaarstaat.

Esther heeft vele pleegkinderen opgevoed, zonder onderscheid te maken in afkomst of geloof. Ze helpt asielzoekers en heeft zich ingezet voor de Cruyff Foundation. ,,Ze is een heel lief mens, eigenlijk verdient ze een lintje”, zegt Wil Jetten. We ontmoeten Esther bij haar thuis.

 

Wie is jouw heldin?

,,Hedy Nijhoff, één van de andere Heldinnen van ’t Veen, is mijn heldin. Ik vind het knap dat ze kookt voor mensen van de kerk. Hedy, Ankie en ik kennen elkaar al jaren. We delen herinneringen samen.”

 

Welk avontuur heb jij meegemaakt?

,,In 1968 ben ik hier in Nederland beland. Ik ben opgegroeid op Curaçao waar ik mijn eerste man ontmoette. Hij werkte bij de marine en kwam uit Joure. Ik woon nu al vijftig jaar in Heerenveen en was hier de eerste ‘brune frou’. Mijn vader was een Engelsman van Sint Maarten en mijn moeder kwam uit de Dominicaanse Republiek. Antilliaanse mensen zien niet snel aan mij dat ik van Curaçao kom. Mijn vader zei altijd tegen ons: ‘Zak nooit door de brug voordat je erop staat. Begin’. Zo heb ik hier ook geleefd. Ik heb mij nooit zorgen gemaakt over wat er zou kunnen gebeuren. Mijn moeder is vroeger gevlucht van de Dominicaanse Republiek naar Curaçao. Zij heeft ook haar weg moeten vin-den in een vreemd land. Ze zei tegen mij: ‘Als je naar Nederland gaat, maak er dan wat van. Je moet je onder de mensen begeven.’ En dat heb ik gedaan.”

 

Kun je iets vertellen over het opvangen van pleegkinderen?

,,Door de jaren heen heb ik zesentwintig pleegkinderen in huis gehad. Ik houd van kinderen en wil hen helpen. Zelf kom ik uit een katholiek gezin van acht en mijn moeder paste altijd op kinderen van anderen. Op Curaçao leef je met elkaar, je deelt met elkaar. Karin, die mij genomineerd heeft, was een pleegdochter van mij. Ook heb ik een pleegzoon met epilepsie gehad. Hij is op 34-jarige leeftijd ver-dronken in het kanaal bij Oudehaske. Dat was heel erg. Hij noemde mij altijd ‘mamsie’. Ik heb Chine-zen opgevangen en een Chileense familie. Mijn zoon en dochter uit mijn eerste huwelijk vonden het altijd leuk als er pleegkinderen in huis waren. Ze zeiden: ‘Dan zijn er geen loslopende kinderen meer’. De pleegkinderen waren even bij mij als het slecht weer was in hun leven. Het waren niet mijn kin-deren, ik leende hen om hen te helpen een goede toekomst op te bouwen.”

 

Waar ben je trots op?

,,Ik heb veel vrijwilligerswerk gedaan. Samen met een aantal vrouwen heb ik in de jaren zeventig een afdeling van de Zonnebloem in Heerenveen opgericht. Voor de Cruyff Foundation heb ik mij twaalf jaar lang ingezet. Johan Cruijff, dat was zo’n leuke man. Hij was net de rattenvanger van Hamelen. Als hij kwam vlogen driehonderd kinderen op zijn auto af. Ik ben door dit vrijwilligerswerk veel be-kende Nederlanders tegengekomen zoals Jan Smit en Umberto Tan. Die zei: ‘We zijn beiden even ‘tannig’, even gekleurd. Ik ben er trots op dat ik dat allemaal mee heb mogen maken.”

 

Ben je weleens verraden?

,,Mijn eerste man werd verliefd op een andere vrouw. Ik voelde mij verraden maar ben na de schei-ding weer opgekrabbeld. Toen heb ik mijn huidige man Henk ontmoet. Er was een Caribisch feest hier. Mijn kinderen zeiden tegen mij: ‘Ga erheen’. Ik ben gegaan en toen zat Henk daar. Zo raakten we aan de praat. Ik kwam hem ook steeds tegen bij het boodschappen doen. Zijn vrouw was overleden en hij was er echt voor zijn twee kinderen. Hij was een hele andere man dan ik gewend was.”

 

Wat heb je geleerd op je levenspad?

,,Ik ben gevallen maar ook weer opgestaan. Een mens moet nooit blijven liggen. Al kruipend moet je balanceren en omhoog komen. Wat ik ook geleerd heb, is dat ik iemand ben die deelt met anderen. Ik vind het leuk om mensen gelukkig te zien en daarbij ken ik geen onderscheid. Ik houd van iedereen.”

 

Heb jij ook een talisman?

,,Van een tante heb ik een ketting gekregen met een halve gulden van Wilhelmina. Mijn tante had kan-ker en ze zei: ‘Je moet doorgaan tot het einde. Als het het einde is, dan weet je het. Je lichaam zegt dan wel dat het afgelopen is’. De ketting betekent voor mij dat ik net zo krachtig ben als haar.”

 

Waar ben jij dankbaar voor?

,,Voor iedere nieuwe dag ben ik dankbaar. Ook voor mijn kleinkinderen, hier en op Curaçao waar mijn dochter woont.”

 

Welke gouden tip wil je andere vrouwen meegeven om hen te inspireren?

,,Doe iets, blijf niet zitten. Je moet in beweging blijven. Als ik mij destijds verlegen opgesteld had, was het heel anders gelopen. Zak nooit door de brug voordat je er op staat”.

Expositie

De expositie Heldinnen van ’t Veen is nog te zien tot en met zaterdag 24 november in de Pronkkeamer van Museum Heerenveen aan de Minckelersstraat 11. De toegang is gratis.

Het museum is open van dinsdag tot en met vrijdag van 11.00 tot 17.00 uur en in het weekend van 13.00 tot 17.00 uur.

Lezing Edith de Wit

Rondom de expositie houdt stichting De Muze diverse activiteiten. Zo geeft schrijfster en storycoach Edith de Wit zondag 4 november in het Museum Café van Museum Heerenveen vanaf 14.00 uur een filmcollege over haar boek ‘In de voetsporen van de heldin’. De heldinnen van het project zijn geïn-terviewd aan de hand van dat boek.

Vooraf en na de lezing is de expositie Heldinnen van ’t Veen gratis te zien. De toegang tot de lezing bedraagt 7,50 euro. Voor meer informatie zie www.demuze.frl.

De Reis

Heldinnen van ’t Veen is onderdeel van De Reis. Dat is het community-art programma van Keunstwurk dat uitdagende ideeën en initiatieven uit de Friese samenleving helpt realiseren.

De Reis is onderdeel van het hoofdprogramma van Leeuwarden-Fryslân 2018. Esther Haveman is geïnterviewd door Yke de Jong en Marije Nutma, vrijwilligsters bij Stichting de Muze.

(Tekst Marije Nutma)