Ode aan Joop

HEERENVEEN

Freeyad Ibrahim stuurde een column over fietsenmaker Joop Mintjes, die eerdaags naar zijn nieuwe onderkomen op het Molenplein hoopt te gaan.

Zijn winkeltje is in het centrum zo klein, zo donker. Maar in mijn ogen is het veel groter dan de burgemeesterskamer. In mijn ogen is Joop Heerenveen en Heerenveen is Joop. Joop en Heerenveen zijn onafscheidelijk.

Geduldig zorgt hij al 15 jaar voor mijn derdehands fiets:

Joop, vind je het zadel niet te hoog? Joop, is de ketting niet wat slap? Joop, wil je de remmen even controleren? Joop, is de band niet te zacht?

Joop heft zijn hoofd een klein beetje op uit het donker en kijkt je een beetje scheef aan van achter een opgehangen fiets. Zonder een woord te zeggen komt hij je te hulp. Klaar…

Zelden vraag hij om geld als het om een paar schroeven gaat. ‘Dokter’ Joop stelt een eerlijke diagnose, maakt van een mug geen olifant, zoals de fietsenmakers verderop doen.

Zonder Joop zou ik nooit tevreden zijn met mijn derdehands fiets. Ik en de fiets zijn ook onafscheidelijk. Het is niet alleen een vervoermiddel maar ook een bron van inspiratie voor mijn roman en columns. Goede fiets/inspiratie krijg ik dus niet alleen bij Jan William van de sportschool FidnuZ , nu easyActive , maar ook bij Joop.

Dankzij Joop, easyActive en Oranjewoud heb ik altijd ideeën om verhalen te schrijven.

Ik ben nog nooit teleurgesteld door Joop, mijn vrouw en kinderen ook niet.

Er is een fietsenmaker 100 meter bij ons huis vandaan, maar we kiezen altijd voor Joop. Dus Joop staat hoog op de lijst van kennissen bij ons gezin.

Trouwens Joop zegt tegen iedereen ‘Goeie’ en ‘Goeie middje’ .

Als ik burgemeester of wethouder was zou ik hem eens komen opzoeken in het donker. En zou ik een nieuwe ruimere werkplaats/winkel voor hem laten bouwen. Er is nauwelijks ruimte voor de tweedehands fietsen en apparaten en onderdelen.

Ik zou een winkel in het hart van Heerenveen voor hem laten bouwen want hij leeft in het Hart van Heerenveners.

Voor mij is Joop evenveel waard als Abe Lenstra.

Joop verdient een standbeeld als hij 100 wordt.

Sporters denken aan voetballers, maar wij fietsers aan Joop en Mintjes.

(Tekst Freyad Ibrahim, schrijver, vertaler en dichter uit Heerenveen)