De Verdieping met Monique Vogelsang: ‘Ik ben een conceptdenker’

HEERENVEEN - In De Verdieping gaat Jurjen K. van der Hoek met zijn gesprekspartner de diepte in. Zo beschrijft hij de achtergrond van wat hem of haar bezig houdt in zijn of haar leven en werk, passie en hobby. Ditmaal: grafisch ontwerper Monique Vogelsang uit Heerenveen.

„Ik vind diepgang belangrijk. Oppervlakkige en snelle effecten passen niet bij mij.”

Monique Vogelsang is grafisch ontwerper. Ze ontwerpt boekomslagen en geeft vorm aan de inhoud van vooral boeken. Doordacht, duidelijk, eenvoudig en helder zijn sleutelwoorden in haar manier van werken.

„Een boek vormgeven is een proces dat je met je opdrachtgever doorloopt. Dat proces kan soms wel een half jaar of zelfs een jaar duren. Daar is dus tijd en ruimte voor denkwerk. Veel denken voordat het tot ontwerpen komt. Ik ben een conceptdenker. Een puzzelaar. Alles moet kloppen voor mij. Ik ontwerp nooit zomaar iets alleen maar omdat het mooi is.”

De vormgeving moet dienstbaar zijn aan de inhoud. Het moet een meerwaarde zijn, zodat de inhoud nog beter gelezen en begrepen wordt.

„Grappig is dat ik dyslectisch ben en toch elke dag met tekst werk. Misschien wel, omdat ik zelf moeilijkheden had met de leesbaarheid van dingen, dat ik daarom bezig ben de inhoud te analyseren en beter vorm te geven.”

Hakken en lassen

Op de kunstacademie wilde Monique fysiek bezig zijn, hoewel haar werd aangeraden de grafische richting te kiezen. Ze ging hakken en lassen. Maar na de academie maakte ze steeds meer conceptuele werken met letters, want „het sluimerde altijd al”.

„Het is daardoor heel organisch ontstaan. Van beeldend kunstenaar verschoven naar grafisch ontwerper. Mijn ruimtelijk inzicht van het een komt dan van pas bij het ander.”

Haar passie zit in het werk. In het bedenken van nieuwe concepten. Een oplossing om het product of de vraag nog aantrekkelijker te presenteren.

„Ik kan geen stap terug doen. Het is alles of niets. Ik ga er helemaal voor of ik doe het niet. Heb ik het gevoel dat de opdrachtgever mij niet begrijpt, of niet waardeert dat ik de tijd neem om na te denken over een ontwerpvraag, dan houdt het op voor mij. ”

Ze krijgt een stapel A4-tjes, of een Word-document, en een mapje foto’s. Maar dat is nog geen boek. Dus het begint met onderzoek. Ze leest de tekst en verdiept zich in de persoon voor wie ze aan het werk gaat.

Aanpassen

„Want ik moet helder krijgen wat diegene wil. Dan ga ik brainstormen, meestal alleen maar ook wel samen met de opdrachtgever. Bij elk project is het heel gericht kijken: waar vraagt dit om. Ik heb geen uitgesproken eenduidige stijl, maar pas me aan het product en het onderwerp aan.”

Wat opvalt aan haar stijl is wel dat Monique sober werkt. Terug naar de essentie, de basis. Het minimale spreekt aan, omdat het niet meer nodig heeft. Voegt iets niets toe, dan gebruikt ze het niet. Dus bij haar geen krullijntjes om de versiering.

„Mensen kunnen tegenwoordig heel veel zelf achter de computer, vinden ze. Maar het grafisch ontwerpen is echt een vak. Denkwerk doe ik op papier. Ik schets veel en maak talloze aantekeningen. Dat ga ik dan visualiseren en digitaliseren. Op prints zie ik dan meteen dat het kleiner moet bijvoorbeeld of dat iets meer naar links dan wel rechts moet. Het zit soms in millimeters waardoor iets wel of niet klopt. In mijn ‘vrije tijd’ lees of kijk ik graag een detective. Dat is ook puzzelen, hè.”

(Tekst Jurjen K. van der Hoek)