Recensie | Aandachtige duotentoonstelling bij Kunstlokaal No.8

JUBBEGA De tentoonstelling Monnikenwerk en vertellingen met composities van Carre Meijer en Ies Schute is tot en met 9 februari te zien bij Kunstlokaal No.8 in Jubbega.

Jurjen K. van der Hoek schreef een recensie. Hieronder zijn tekst.

De schrijver van het boekje bij de duo-tentoonstelling op dit moment in Kunstlokaal No.8 heeft gelijk. De kunst van Carrie Meijer is monnikenwerk. Met uiterst vaste hand en in volledige concentratie zet zij lijntjes en vlakjes op papier. Om rasterwerken te zoeken, geometrisch lijnenspel dat zich in ritmische variatie zwart over het witte vlak aftekent. Ordelijk abstract, want er is geen figuratie anders dan kleine vormen die in regelmaat verschijnen. Strak in het gelid, scherp in opstelling. Het vergt pure aandacht het te maken, daarom kan ik er als bezoeker van deze tentoonstelling niet zomaar aan voorbij lopen. De toewijding wordt mijn bezieling, de zorgvuldige ijver krijgt mijn duurzame blik. Ik staar me niet blind, maar ontdek wel routinematig een stramien in de compositie als van een stratenplan, de door een stadsarchitect ingevulde bouwkavel. Rechttoe rechtaan, hier een huizenblok en daar een verbindingsweg. Maar ook zie ik de boekbanden die in de kast tegen elkaar leunen. Of stapels oud papier die liggen opgetast in een loods. Maar meteen tik ik me figuurlijk op de vingers, sluit ik mijn ogen voor de werkelijkheid en ga op in de denkbeeldige realiteit van Carrie Meijer. De cirkels die ze opbouwt in duizenden ovaaltjes zetten kippenvel op mijn armen en laten de rillingen over mijn rug lopen. Het eist doorzettingsvermogen om ergens te beginnen, te weten waar je wilt eindigen en deze opdracht dan te volbrengen. Ik had allang geprikkeld en halfgaar de rotringpen van me afgegooid onder het slaken van een akelige kreet. Om gek van te worden. Petje af voor zoveel aandachtigheid en volharding.

De kunst van Ies Schute is daarnaast welhaast een welkome afwisseling. Een rustpunt voor de vermoeide ogen. Talloze druksels gelijkende tekeningen sieren de wanden van het kunstlokaal. Planten in vrolijke kleuren op half beduimelde bladen. Als zijn het de pagina’s uit de boeken, die klemmen in de kast, en waartussen afgesneden plantdelen in gedroogde vorm hun eeuwigheid weten. Ik vind ze nog bij de zolderopruiming, ze vallen uiteen wanneer ik de boeken opensla. Niet alleen onderzoekt Schute de verscheidenheid aan plantvormen in onwerkelijke ontwerpen en schetsen, ook verbeeldt zij duistere verhalen over zwarte bladzijden in de geschiedenis, over strijd en achterstelling. De neergeslagen blikken van “sadeyed lady of the Lowlands” lijken op vingerafdrukken, het DNA van deze mens. Het object op de vloer van het lokaal laat een veelheid aan bladen en tot boekjes samengestelde tekeningen zien. Een kleurig geheel in donkere tinten waar ik door zou willen bladeren. Iedere vorm is te isoleren om er een verhaal mee en van te vertellen. Het totaal vormt een losbladig boekwerk met diverse hoofdstukken. Het dagboek van de kunstenaar. Overal worden gedachten opgepikt en levendig uitgewerkt in geschilderde beeldfragmenten. Voorstellingen van nu voor de herinneringen van later. Om niet te vergeten.

De cirkel uit schelpen aan de wand geplakt zou best een samenwerking van beide exposanten kunnen zijn. Het is een oefening in langzaamheid van Ies Schute, maar had goed geïnspireerd kunnen zijn op het monnikenwerk van Carrie Meijer. Een afsluiting van de expositie waarin voldoende te beleven valt, waarin ik met plezier beeldend luister naar de vaardige vertellingen.

Zie ook het weblog KUNST-stukjes.

(Tekst en foto’s Jurjen K. van der Hoek)