Recensie | 'De sprong in Quantum Jump geeft kortsluiting'

HEERENVEEN Melklokaal toont tot 20 december de solotentoonstelling ‘Quantum Jump’ met werk van Machteld van Buren. Verder is werk te zien van Beppie Gielkens en Eiko Ishizawa bij de galerie aan de Heeremaweg 20-1 in Heerenveen. Jurjen K. van der Hoek schreef een recensie. Hieronder zijn tekst.

Ze heeft de tijd niet mee, Machteld van Buren. Is haar tentoonstelling bij melklokaal in Heerenveen eerst al uitgesteld door de intelligente lockdown in het voorjaar. Nu is de galerie beperkt open vanwege de tweede coronagolf. Maar de zichtbaarheid van Quantum Jump is verlengd tot 20 december. Dat dan weer wel, want het werk mag gezien worden. Moet ook gezien worden. 

Eerst even dit: In de kwantummechanica, een deelgebied van de natuurkunde, is een kwantumsprong een verandering van een elektron binnen een atoom van de ene kwantumtoestand naar de andere kwantumtoestand. Het lijkt discontinu dat het elektron zeer snel van het ene naar het andere energieniveau ‘springt’, na zeer kort in een toestand van superpositie te hebben bestaan. 

De tijd dat dit kost staat in verhouding tot de druk die de spectraallijnen verbreedt. Dit fenomeen is in tegenspraak met klassieke theorieën, die verwachten dat energieniveaus continu zijn. Kwantumsprongen veroorzaken de emissie of absorptie van elektromagnetische straling, waaronder die van het licht, dat plaatsvindt in de vorm van gekwantiseerde eenheden, die fotonen worden genoemd.

Tot zover deze lering, die neigt tot vermaak. Het zegt alles over de composities van Machteld van Buren die nu te zien zijn bij melklokaal. Aan deze uitleg van de kwantumsprong (quantum jump) hoeft niets te worden toegevoegd. Toch waag ik een poging. 

Want, hoewel de kunst van Van Buren zo complex in elkaar zit als de natuurkunde lijkt te zijn, wekt het interesse er naar te kijken. Het houdt de blik vast ook al omdat er een groot rumoer te zien is. 

De lijnen vormen vlakken die zich uiten in verschillende metaalachtige kleuren, van staalgrijs tot roestbruin. Er doemen bollen op, letters en cijfers dwarrelen over het beeld dat wel bestaat uit golvende stroken en ordelijke tabellen. Het is niet eenvoudig het gemaakte beeld te omschrijven in woorden. 

Het beeld stijgt boven de tekst uit. In de composities is veel te zien en voldoende op te merken, een drukte XXL. Het zijn explosies van inspiratie, erupties aan verbeelding. Alsof ik mijn vingers in het stopcontact steek. Bzzzzzt.

De vlakken scheuren, breken open. Ik kijk in een oneindige diepte, het platte vlak van het doek waarop met acryl gewerkt is blijkt opeens ruimtelijk, een oneindig heelal. Dat splijten en barsten, schuren en wrikken  hoor ik in de breuklijnen die ik zie. Het snerpt en piept me voor ogen. Mijn visie echoot over het werk. 

Onverwachte lijnen schieten door de dynamische composities. In het complexe werk lijkt chaos te overheersen, zoveel slagkracht komt er los en zoekt zich een weg. Energie krijgt beeld in de beweging van de kruisende lijnen en krommende vlakken. 

Een disorde en verwarring waarin de kunstenaar geen uitweg zoekt, maar juist deze opwindende opschudding aan het licht wil brengen. Dat wil laten zien wat laag over laag, diepte in diepte zonder perspectief, gebeurd in de hersenen waar wij geen vinger achter kunnen krijgen. Het schijnt een industrieel beeld dat Van Buren duidt. 

Metalen in diverse legeringen. Een dot verwrongen ijzerdraad, stalen repen die door de compositie vliegen. Een gebied aan speels wiskundige vormen die wringen en botsen, waardoor kortsluiting ontstaat en vlakken bliksemen tot lijnen. 

Want het gebeuren voor mijn ogen moet een vorm hebben, een verklaring waarom het geschapen is. Om het te begrijpen moet het een doel dienen. 

Althans zo zit dat in mijn verstand gebakken. De verbeelding zegt me anders voor, er is geen andere reden dan het onzichtbare zichtbaar maken. Mijn gevoel te openen en mijn verstand uit te schakelen. Gewoon kijken, zien, niet willen begrijpen maar plezier beleven in vloeiende vormen, prettige kleuren en de speelse manier waarop deze zijn gecomponeerd.

De blik komt nauwelijks tot rust, ik wil alles in een enkele oogopslag zien. Maar de ogen schieten tekort, ik kijk weer en nog eens en beter. Geen stilte hier dan op het witte vlak dat in sommige van de composities is ingeschoven, een verademing. 

Het werk lijkt abstract, doordat er geen duidelijke figuratie is althans ik geen vormen merk die ik alledag zie. Het is een imaginair universum dat er voor ogen nooit was, maar opdoemt in mijn hoofd wanneer zenuwbanen knellen, gevoelsdraden zich aanspannen en haarvaten spatten. De pijn is dan concreet voelbaar, Van Buren maakt het zichtbaar. Die kortsluiting in mijn hoofd. 

Het geluid van ijzer op staal. Een niet thuis te brengen oorverdovend kabaal. Als op de vierde scheppingsdag wanneer het licht aan het hemelgewelf verschijnt. Een grote schrik in de duisternis. Kleine elementen, atomen, fragmenten spatten alle kanten op en tekenen lichtbanen. De kleur is er doordat het licht is gekomen, op die vierde dag.

Die kleur van kleur zie ik boven in tank, dat is de stockopslag van melklokaal. Daar hangt wat de galerie in de verkoop heeft. Nu zie ik kleine werken van Beppie Gielkens. Tempera op katoen in handzame formaten. Daarin onderzoekt de kunstenaar wat kleur op naast en bij kleur doet. Hoe verhoudt het ene zich tot het andere. 

Rood tot blauw, geel tot groen. In vlakken, maar ook in lijnen. Niet strak en ordelijk in vorm, maar uit de hand gezet zodat het speels buigt. Door het gebruikte materiaal in deze vormgeving zijn de composities aangenaam abstract.

In room is de installatie ‘The Elementary Spaces Between Bubbles’ van Eiko Ishizawa de kers op de taart. Deze kunstenaar duidt op de melklokaal verdieping de wezenlijke ruimte tussen bellen. Bellen waarin van alles plaats vindt dat wezensvreemd lijkt. 

Maar de vormen zijn voorhanden, echter van tegendraads materiaal gemaakt. Ze herinneren zich er werkelijk geweest te zijn. Schuimrubber voor een torso, beschilderd zilverpapier, werken van touw, een landschappelijke collage van linnen, om maar wat te noemen. 

Iedere bubbel heeft een eigen beleving, elke bel een andere beschouwing. En daar tussenin houden we gepaste afstand. Stappen een in ruimte, worden onderdeel van het kunstwerk. Ieder een eigen cirkel, elk een andere wereld. 

Zie ook het weblog KUNST-stukjes.

(Tekst en foto’s Jurjen K. van der Hoek)