Bloemenmagazijn Flora was nooit dicht

HEERENVEEN In het winkelgebeuren werden ze niet betrokken, Wiesje en Wiebe-Watze. Heit Meine Wagter en mem Hiltje hadden de handen wel vol aan de bloemenzaak aan de Dracht 56-58.

Ze waren alle werkdagen tot 18.00 uur open, op de dinsdagmiddag na - die was om te vissen. Met dagelijks een pauze om warm te eten. Met de winkelsluitingswet riskeerde je liefst geen boete door dán een klant te helpen.

Broer en zus zijn allebei geboren aan de Dracht, de eerste een jaar na de oorlog en de ander twee jaar eerder. Ze hebben er een fijne jeugd gehad, in Heerenveen was alles nog binnen handbereik: de lagere en de middelbare school, het zwembad, en niet te vergeten de speelkameraadjes van andere winkeliers.

Wiesje: „We speelden allemaal met elkaar, ongeacht het geloof!”

Alle ouders gaven het goede voorbeeld, immers ‘Als winkelier hield je iedereen te vriend, van welke kerk dan ook’. Hun zaak liep door tot aan de Gedempte Molenwijk en door de week zaten de kinderen in de woonkamer achter de winkel, met uitzicht op de tuin. Op zondagen huisde het gezin ‘boven’, in de huiskamer.

Sinds 1875 familiebedrijf

Wiesje en haar broer komen uit een bekend kwekerijgeslacht. Vanaf grondlegger/betovergrootvader Pieter Wagter, die als Wolvegaster grutter (molenaar van gort) in 1817 overstapte naar het hoveniersvak hebben er 5 generaties Wagter ‘in de bloemen’ gezeten.

In het kort: Pieter-Wouter-Pieter-Sjouke en daarna hun vader Meine. De middelste Pieter begon in 1875 een kwekerij op een stuk land waar nu Nieuw Friesburg is, aan de Burgemeester Falkenaweg. Toen dit pand in 1891 werd verkocht aan het armbestuur van Schoterland breidde hij het bedrijf verder uit op de plek waar nu de bieb zit.

Pieter schonk zijn zoons elk een eigen zaak, Wouter kreeg een winkel in Sneek, diens broer Sjouke een winkel in Heerenveen. Heit Meine mocht van zijn vader eerst in Gent en Aalsmeer de kneepjes van het vak leren.

Meine verbouwde zijn winkel in 1937 en bleek geknipt voor het werk. Hij hield van bloemen en had oog voor schoonheid. De familiekwekerij leverde dan wel de bloemen, maar Meines hart lag bij fraaie bloemstukken maken, bruidswerk en dergelijke.

Wiesje: „In de winkel stond een roze setje met gekrulde pootjes voor bruidsparen die een boeket uit de collectie wilden uitzoeken. Of hij kocht in opdracht iets antieks en verwerkte dat in een bloemstuk. Prijzig, maar als de bloemen ‘op’ waren, hield je het antiek over.” Rouwlinten bedrukken was niet zijn hobby, grinniken beiden, dat ging weleens mis.

‘Smoarch fanke!’

Was de winkel taboe voor de kinderen? Wiebe-Watze: „Als het druk was met kerst of moederdag werd ik wel ingeschakeld. Lekker op de sportfiets bloemen rondbrengen. Dat waren flinke routes, dat kon de loopjongen (met bakfiets!) nooit alleen aan.”

Ook ging hij wel eens mee spagnum zoeken, mos dat in de vochtige delen van Katlijk groeide. Wiesje hielp ook wel: „Heit maakte dan een kerststukje als voorbeeld en daarna maakten mijn nichtje en ik er 25 bij. Voor de kerk was dat, die bezorgde ze voor de feestdagen bij zieken en ouderen.”

Door de winkel kwam je via een ellenlange gang in de woonkamer. „Tot verdriet van onze hulp, die dan opnieuw moest dweilen”, vertelt Wiesje. ‘Smoarch fanke’, riep ze uit, want dan hadden we weer gespeeld op de boerderij.

De boerderij stond op de plek waar nu Ici Paris zit. Naast hun huis liep een eigen steeg, waar Wiebe-Watze eindeloos het kopballen kon oefenen. Tijdens de jaarwisseling was het de ideale verstopplek voor een raddraaier waar de politie achteraan zat, weten ze nog. Dat heit van bovenaf een gieter water over hem heen batste, is eigenlijk familiegeheim...

Wiebe-Watze rekent uit, dat er meer personen betrokken waren bij het gezin. „Behalve die hulp in de huishouding hadden we een winkelmeisje en een loopjongen. Onze ouders deden samen de winkel. Mem moest op haar 21ste onervaren en wel in de winkel staan, maar bleek wel de meest zakelijke van beiden. Ze was helaas vaak ziek.”

Verlicht aquarium en speeddaten

De winkel was ‘nooit’ dicht. Waren de ouders met de Nederlandse Reis Vereniging twee weken naar het buitenland, dan kwam Clara en Wim Molenaar (de beroemde voetballer!) op winkel en kinderen passen.

„Dat waren goede vrienden die ze kenden via de toneelclub Nocht & Wille, waar heit bij zijn 40 jarig jubileum nog een gouden speldje voor heeft gekregen.” Er pasten ook weleens anderen op die hun rekensommetjes op de prachtige kassa in de winkel deden, weet Wiesje nog.

En wie herinnert zich niet dat enorme verlichte aquarium achterin de winkel? Als je ‘s avonds over de Dracht liep, lachten de bloemen en vissen je mysterieus toe. Op zondagavond helemaal! Want dan kuierden jongeren almaar heen en weer, elkaar beloerend.

De Dracht was dan in feite huwelijksmarkt, de plek voor ‘speeddating avant la lettre’. Intussen werden de voorbijgangers weer gadegeslagen vanachter de ramen van de huiskamer boven. De kinderen Wagter wilden weleens zien hoe dat daten verliep.

Geen opvolger

Aanvankelijk was het winkelpand minder diep, achter de tuin was de drukkerij van kunstboekhandel Binnert Overdiep. ln december was de tuin in gebruik voor kerstbomen. Die stonden ook in het portiek aan de Dracht, want daar kwam iedereen langs, ook het (snel)verkeer.

„Het bloemenvak is afhankelijk van de economie,” brengt Wiebe-Watze in, “In mindere tijden was dat te merken. Maar ‘s winters stond de oliekachel in de winkel toch permanent aan om de planten te beschermen.”

En Wiesje weet nog: „Als er rouwwerk moest komen en bepaalde planten niet op voorraad waren, kwamen ze in van die lange dozen per trein naar Heerenveen.”

In 1966 hakte de bloemist de knoop door. Hij had hart voor zijn werk, maar de zaak werd teveel voor met name zijn vrouw. Geen van de kinderen wilde hen opvolgen.

Ze verkochten de winkel en Meine ging in loondienst bij DE in Joure. Er viel een last van hem af, denken de kinderen - maar de liefde voor het vak bleef overeind.

„Hij heeft later nog een bruidsboeket voor ons allebei gemaakt!”, vertelt Wiesje, „En mem ging af en toe helpen in de bloemenwinkel bij Volbeda.”

Zelf een tip?

Kent of bent u een nazaat van een ooit bekende winkelier of ondernemer en wilt u die winkel of bedrijf graag voor het voetlicht halen, mail dan naar hrv@ndcmediagroep.nl of bel naar 06-17 242 223.

Dan gaat Alie Rusch met een fotograaf op pad voor een verhaal over juist die winkel, bedrijf of ondernemer.

(Tekst Alie Rusch)