Toename vogelsoorten in Easterskar bij Sintjohannesga

SINTJOHANNESGA -  Het aantal verschillende soorten vogels in de Easterskar bij Sintjohannesga neemt nog steeds toe. Een opsteker voor dit gebied, laat It Fryske Gea in een verklaring weten.

Dit voorjaar zijn in opdracht van It Fryske Gea door SOVON Vogelonderzoek alle broedvogels in het natuurgebied het Easterskar, nabij St. Johannesga, geteld. Dit leverde een totaaloverzicht op van negentig soorten broedvogels, waarvan 21 vogels voorkomen op de Rode Lijst van kwetsbare en bedreigde soorten zoals roerdomp, purperreiger, koekoek, grauwe klauwier, wielewaal, snor, paapje en kneu. Naast de genoemde kwetsbare vogelsoorten noteerden de onderzoekers en vrijwilligers ook het voorkomen van kleurrijke vogels zoals ijsvogel, appelvink, aalscholver, kluut, klein waterhoen, boomklever en geelgors. Het Easterskar is een ruim 550 hectare groot moerasgebied van It Fryske Gea. Het gebied kenmerkt zich door ruige en bloemrijke graslanden, open water, rietmoeras en bossen met wilgen, elzen en berken. In het moerasgebied zijn diverse maatregelen genomen om de kwaliteit ervan te verbeteren. Zo is bijvoorbeeld in 1993 een rietfilter aangelegd om de waterkwaliteit te verbeteren en zijn in 2001 en 2003 waterbuffers aangelegd om de verdroging van het gebied tegen te gaan.

Resultaten

Sinds de eerdere tellingen in 2001 en 2007 gaat het in het Easterskar duidelijk beter met watervogels zoals grauwe gans, brandgans, krakeend en slobeend. Ook vogels van halfopen landschap met bosranden en overgangen, zoals boompieper, of soorten van ruigte en struwelen, zoals roodborsttapuit, putter en kneu zitten in de lift. Tot slot doen echte bosvogels zoals de grote - en de kleine bonte specht, matkopmees en gekraagde roodstaart het hier goed. Soorten die broeden in nat rietland, zoals baardman, sprinkhaanzanger, snor, rietzanger en blauwborst, houden stand op een stabiel niveau. Opmerkelijk is het al jaren hoge aantal waterrallen in dit gebied (41 territoria dit jaar). Blijkbaar voelt deze verstop-artiest zich goed thuis in dit moeras. Sinds enkele jaren hebben ook de pioniersoorten kluut, kokmeeuw en visdief een vaste broedplaats verworven.

Vertrokken

Daarnaast gingen er ook enkele soorten in aantal achteruit of verdwenen zelfs uit dit gebied, zoals porseleinhoen, scholekster, wulp, watersnip, grauwe vliegenvanger, graspieper, veldleeuwerik en nachtegaal. Voor een belangrijk deel kunnen de vastgestelde veranderingen in de broedvogelpopulatie worden toegeschreven aan ontwikkelingen in het gebied, zoals de toename aan open water ten koste van grasland en het ouder worden van het bos. Anderzijds hangt toe- of afname van bepaalde vogels ook samen met gebiedsoverstijgende zaken, zoals overwinteringsomstandigheden in Afrika en Zuid-Europa, klimaatverandering en de landelijke achteruitgang van de weidevogels.