Inning van contributies en sponsorgelden groeit sportclubs boven het hoofd

Heerenveen -  Penningmeesters zitten steeds vaker met de handen in het haar bij het sluitend maken van de jaarbegroting. Oorzaak is meestal de inning van contributies en sponsorgelden.

Bleek dit vijf jaar geleden al voor problemen te zorgen, tegenwoordig is de situatie ronduit alarmerend, getuige een vervolgonderzoek van incasso- en gerechtsdeurwaardersorganisatie Flanderijn. Gemiddeld staan er nu anderhalf tot drie keer hogere vorderingen uit, met saldo’s die oplopen tot € 14.000. Ook schrijven sportclubs substantieel meer oninbare bedragen af, gemiddeld € 2.500 met maxima van € 15.000. Toch voeren bij een ruime meerderheid van de clubs penningmeesters de administratie nog steeds zelf. Als clubs hun inningbeleid niet professionaliseren, zetten ze op termijn hun eigen voortbestaan op het spel. Aan het recente onderzoek van Flanderijn hebben hockey-, tennis- en voetbalverenigingen uit heel Nederland meegewerkt. Een ruime meerderheid van deze clubs kampt met betalingsachterstanden. Gemiddeld hebben zij € 2.000 aan vorderingen van het vorige seizoen uitstaan. Ten opzichte van 2006 liggen de gerapporteerde bedragen anderhalf tot drie keer hoger, met uitschieters naar € 14.000. Penningmeesters schrijven over de afgelopen drie seizoenen veel oninbare vorderingen af. Met een gemiddelde van € 2.500 en maxima tot € 15.000 lopen clubs forse bedragen mis voor bijvoorbeeld investeringen in accommodatie of faciliteiten. Niet alleen leden laten het afweten: ook sponsors betalen soms veel te laat of helemaal niet. Bij ongeveer de helft van de voetbal-, hockey- en tennisverenigingen verdubbelden de uitstaande vorderingen op geldschieters de afgelopen vijf jaar, met bedragen die oplopen tot € 6.000. Hockeyverenigingen zitten in de hoek waar de hardste klappen vallen: zij noteren uitschieters naar maar liefst € 50.000 aan af te schrijven sponsorgelden.