Nije Kompanjons staken activiteiten rondom Turfroute: ‘Het voortbestaan van de Turfroute zal alleen mogelijk zijn wanneer voldoende toeristen het gebied komen bezoeken’

HEERENVEEN - De stichting De Nije Kompanjons bestaat niet meer in haar oude vorm. De stichting die zich bijna 50 jaar heeft ingezet voor het beheer van de Turfroute, heeft haar activiteiten gestaakt.

Hieronder een door de stichting ingestuurde brief omtrent het hoe en wat.

Door een door de provincie Friesland veranderde policy met betrekking tot het heffen van entree voor het opvaren van de Turfroute, kwamen de financiële middelen voor de belangrijkste taken van de stichting op termijn te vervallen. Vooral activiteiten voor de promotie van de Turfroute konden daardoor niet meer worden gefinancierd.

Het zag er naar uit, dat ook de website van de route hiermee zou komen te vervallen, maar het is de Stichting Toeristisch Netwerk De Friese Wouden, die de website in de lucht gaat houden en de promotionele activiteiten gaat voortzetten. De officiële overdracht van website en domeinnaam heeft intussen plaatsgevonden.

De bestuursleden van de Stichting De Nije Kompanjons betreuren het feit dat zij hun werkzaamheden niet kunnen voortzetten. Deze werkzaamheden bestonden naast de promotie, uit het begeleiden van de bezoekers, het oplossen van problemen, en het in overleg met de provincie en gemeenten instandhouden van de vaarweg.

Het uitbaggeren van de Turfroute tot een diepte van minimaal 1,30 m is in 2017 uitgevoerd, waardoor meer schepen probleemloos de route kunnen bevaren. Provincie en gemeenten zullen het onderhoud aan bruggen en sluizen en het schoonhouden van de vaarweg blijven uitvoeren. Controle op de noodzaak van onderhoudswerkzaamheden, die steeds door de Stichting werd uitgevoerd zal nu door anderen moeten worden gedaan.

Het voortbestaan van de Turfroute zal alleen mogelijk zijn wanneer voldoende toeristen het gebied komen bezoeken. Daarvoor is een intensieve promotie, vooral gericht op heel Nederland maar ook op het buitenland, uiterst belangrijk.

Het bestuur